Regelmatig krijg ik de vraag ‘Hoe schrijf je een autobiografie?’ Mijn antwoord is dan: door er geen te schrijven.

Schrijf geen autobiografie, maar schrijf een spannend, rakend verhaal dat gebaseerd is op jouw leven. Zet Levensfictie in. Dat betekent: durf dingen weg te laten, momenten samen te voegen, personages uit te vergroten. Schrijf geen autobiografie waarin je je aan de waarheid probeert te houden, waarin je zo voorzichtig mogelijk alles verwoordt zodat je niemand kwetst, waarin je zo compleet mogelijk bent zodat je niets vergeet. Nee, speel met je leven. Dit leven is van jou! Durf dingen te verzinnen, zodat de rode draad duidelijker wordt. Durf te zeggen waar het op staat. Ga je passie en je pijn niet uit de weg. Maar doe het oprecht en waarachtig. Wees ook niet bang om nieuwe verhaallijnen uit te zetten, om een spannend plot te verzinnen. Maak van je autobiografie een verhaal van dat echt van jou is; een autobiografisch verhaal dat niet geheel samenvalt met de ‘zogenaamde waarheid’, maar wel een verhaal die op creatieve wijze jouw persoonlijke, diepe waarheid vertolkt.

Een leven, een autobiografie, is van nature rommelig

Toen ik mijn eigen autobiografie FOK ging schrijven, had ik steeds het gevoel dat er iets miste. Ik zocht naar een manier om trouw te blijven aan mijn eigen verhaal en tegelijkertijd naar een manier om boven mijn eigen verhaal uit te stijgen. Ik wilde niet alleen een verslag van mijn leven schrijven, niet alleen over Nanda vertellen met een idyllische jeugd op zee en een lastige tijd in een klein vissersdorpje. Over mijn avonturen op de oceaan en het gedoe met de bemanning. Ik wilde een spannend, samenhangend boek dat ook bij de lezer aan zou komen. Persoonlijk, maar met een universele ondertoon.

Maar zo makkelijk is dat niet. Onze levens zijn rommelig, fragmentarisch en schokkerig. We leven ons leven niet in een rechte lijn. Het is zo makkelijk om de weg kwijt te raken als je over je eigen leven schrijft.  Mijn autobiografie had geen heldere spanningsboog en een duidelijk plot.  Als we ons autobiografisch verhaal precies zo opschrijven als het is gebeurd, dan wordt het voor de lezer onleesbaar.

Laat de waarheid bij het schrijven van je autobiografie los

Pas toen ik bij het schrijven van Fok levensfictie in ging zetten, kreeg mijn verhaal samenhang en betekenis. En kreeg ik bovendien echt lol in het schrijven van mijn boek. Ik liet dingen weg, ik verboog de werkelijkheid, verzon nieuwe verhaallijnen en creëerde een plot. Het probleem is dat we als schrijver vaak denken dat dat niet mag. Dat we verplicht zijn ‘de waarheid te vertellen’ omdat we anders liegen en we ons boek geen autobiografie mogen noemen. Onzin! Want de waarheid bestaat helemaal niet. Jij hebt dingen anders onthouden dan je broer of je zus. Sommige dingen weet je nog haarscherp, andere zijn je totaal ontschoten. Natuurlijk ken je je eigen verhaal, maar we hebben het in ons hoofd ook vervormd en ingekleurd. Herinneringen zijn onbetrouwbare wezens. Als je  vast wil houden aan ‘die ene versie van je leven’ beperk je jezelf als schrijver.

Verzin en vervorm je eigen autobiografie; dat mag!

En bovendien: verzinnen en vervormen is net zo natuurlijk als het vertellen van je eigen verhaal. Als schrijver maak je gebruik van het menselijke vermogen om een nieuwe wereld te scheppen. Je tilt je autobiografie op uit zijn eigen rommeligheid. Je schaaft, schept, voegt toe, laat weg, geeft richting, vormt om. Je bent niet alleen een mens die zijn autobiografische verhaal vertelt, je wordt een schrijver die de essentie eruit weet te halen. Daarbij put je uit je eigen ervaring en maak je tegelijkertijd gebruik van je natuurlijke verbeeldingskracht. Een verbeeldingskracht die we als kind al hadden. Elk kind fantaseert, verzint sprookjes en personages, gelooft in spoken of in eenhoorns of in speciale krachten. Als volwassene denken we opeens dat dat ‘vals spelen’ is, maar het is juist onze kracht.

Een autobiografie schrijven is spelen met je leven

Eigenlijk speel je al schrijvende met je leven als je een autobiografie schrijft. En dat heeft zowel een lichte als een spannende kant.

Het is spannend omdat je niet weet waar je autobiografie naartoe gaat als je begint te fictionaliseren. Het is spannend omdat, ook al ga je bepaalde dingen misschien weglaten of vervormen, je de onderliggende waarheid wel aangaat.En de kans is groot dat je gaandeweg dingen tegenkomt die je liever niet tegenkomt, dat je dingen moet loslaten die pijn doen. In die zin ‘speel je met je leven’ – je zou je leven kunnen verliezen. Het leven zoals je dat tot nu toe kende en misschien wel koesterde of vreesde. Je leven is niet langer veilig als je het gaat omtoveren tot een boek.

Maar daarnaast heeft het ook iets lichts om de werkelijkheid niet zo serieus te nemen. Je mag bizarre wendingen verzinnen en poëtische metaforen gebruiken. Dingen met elkaar verbinden die in werkelijkheid niets met elkaar te maken hebben.  Spelen met je leven op papier is een creatief, speels en verrassend proces.

Fictie in een autobiografie kent vele gradaties

Fictie gaat niet alleen over fantasie. Naast ‘huichelen, verzinnen en veinzen’ is de letterlijke betekenis van ‘fictio’ ook:  ‘veranderen, vormen, vormgeven’. Dus als je levensfictie toepast in je autobiografie ben je niet alleen aan het verzinnen. Het betekent ook je je autobiografie zo aanpast, dat het aan kan komen bij de lezer. Dat het samenhang krijgt, een rode draad, een spanningsboog, een ontwikkeling.

In het gebruik van levensfictie zijn allerlei gradaties mogelijk. Je kunt je beperken tot het samenvoegen van bepaalde momenten, het weglaten van specifieke personages en het duidelijk opbouwen van scenes. Maar je kunt ook een heel nieuw verhaal tot stand laten komen, met verzonnen wendingen en personages en plaatsen.

Door fictie te gebruiken in eigen autobiografie, bevrijd je jezelf van je eigen verhaal

Daarnaast is het inzetten van levensfictie bij het schrijven je autobiografie ook vaak een helend en inzichtgevend proces. Je doet het niet alleen voor de lezer. Je doet het ook voor jezelf.

Hoe meer fictie je gebruikt, hoe meer je gaat inzien dat er meerdere manieren zijn om naar je eigen verhaal te kijken. Er is niet één waarheid. Dat kan een enorm bevrijdend werken. Door met je leven te spelen op papier, ontstaat er ruimte. Je autobiografie wordt groter, universeler. Dit brede kader kan je helpen om tot nieuwe inzichten te komen en oud zeer los te laten.

Levensfictie helpt je om de waarheid onder de waarheid te zien. Ook al verfraai en verdraai je, je zegt met jouw fictieve verhaal wel precies wat je zeggen wilt.

Mijn voorwoord in mijn roman Fok sluit ik daarom af met een citaat van schrijfster Jessamyn West: “Fictie onthult waarheden die de werkelijkheid verbergt.”

Hoe schrijf je een autobiografie? Doe mee met de schrijfcursus Utrecht: levensfictie schrijven

Op 21 september start een serie van drie schrijfworkshops op zaterdag waarin je leert hoe je je autobiografie in een levensfictieve stijl schrijft.
In de eerste workshop ‘Leven’ op 21 september leer je hoe je de kracht aanboort van je eigen levensverhaal. Wat is jouw verborgen wijsheid, waar zitten de parels van jouw verhaal?
In de tweede workshop ‘Verhaal’ op 19 oktober leer je stijlelementen inzetten en leer je hoe je van autobiografie een pakkend verhaal maakt, opgebouwd uit beeldende scenes.
In de derde workshop ‘Boek’ op 30 november ontdek je hoe je de rode draad in je autobiografie vindt, gebruik makend van de twaalf verhaalstappen van de Reis van de Held.

De workshops zijn een aansluitende serie, maar je kan ze ook afzonderlijk volgen. Als je je opgeeft voor 1 augustus, ontvang je 45 euro korting op de gehele cursusreeks. Lees meer over de schrijfcursus Utrecht: levensfictie schrijven.